Wat is het AREI en waarom is het belangrijk?
Het AREI (Algemeen Reglement op de Elektrische Installaties) is het Belgische wettelijke kader — vastgelegd in het Koninklijk Besluit van 8 september 2019 — dat sinds 1 juni 2020 alle regels bevat voor elektrische installaties. Boek 1 regelt huishoudelijke installaties: van kabeldoorsnedes tot differentieelschakelaars en je eendraadschema.
Wat is het AREI?
AREI staat voor Algemeen Reglement op de Elektrische Installaties. Het is opgesteld door de FOD Economie (Federale Overheidsdienst Economie, KMO, Middenstand en Energie) en is bindend voor iedereen die in België een elektrische installatie aanlegt, wijzigt of laat keuren — van de doe-het-zelver tot de erkend installateur.
Het reglement bestaat sinds 1981, maar de huidige versie is het Koninklijk Besluit van 8 september 2019, dat het volledige AREI herschreef en op 1 juni 2020 in werking trad. Dit "nieuwe AREI" werd sindsdien twee keer ingrijpend aangepast: door het KB van 5 maart 2023 (van kracht op 1 juni 2023) en het KB van 3 oktober 2024 (van kracht op 1 maart 2025). Wie online nog documentatie vindt die enkel spreekt over "het AREI van 2020", mist dus mogelijk recentere verplichtingen.
Structuur van het AREI: drie boeken
Het huidige AREI is opgedeeld in drie boeken:
- Boek 1: elektrische installaties op laagspanning en op zeer lage spanning. Dit boek is van toepassing op huishoudelijke installaties en bevat de regels voor je eendraadschema.
- Boek 2: elektrische installaties op hoogspanning (industriële en professionele toepassingen).
- Boek 3: installaties voor transport en distributie van elektrische energie (voor netbeheerders zoals Fluvius).
Voor particulieren is Boek 1 het meest relevant. De belangrijkste hoofdstukken daarin zijn:
- Afdeling 3.1.2 — Schema's, plannen en documenten: de verplichting van een eendraadschema en situatieschema die "op ieder ogenblik de bestaande toestand van de elektrische installatie" moeten weergeven.
- Hoofdstuk 2.13 (Tabel 2.23) — Grafische symbolen: de officiële lijst van elektrische symbolen die je op een eendraadschema en situatieschema moet gebruiken.
- Hoofdstuk 4.2 — Bescherming tegen elektrische schokken: de vereisten voor differentieelbeveiliging (onder meer Onderafdeling 4.2.4.3).
- Onderafdeling 5.3.5.2 — Specifieke regels voor huishoudelijke ruimten: onder meer de bekende regel van maximaal 8 contactdozen per stroombaan.
- Hoofdstuk 7.1 — Ruimten met bad of douche: de zones (volumes) in de badkamer, sinds 1 maart 2025 herschreven.
Deze verwijzingen komen uit de decimale nummering van het huidige AREI Boek 1. Op veel oudere webpagina's kom je nog de vroegere artikelnummering tegen (bijvoorbeeld "art. 85" of "art. 271bis") — de FOD Economie publiceerde een officiële concordantietabel die de oude nummers aan de nieuwe hoofdstukken koppelt.
Wat regelt het AREI concreet voor jouw woning?
Het AREI is geen vaag beginsel — het legt concrete, meetbare eisen op. Enkele voorbeelden die je bij een verbouwing of nieuwbouw zal tegenkomen:
Beveiligingstoestellen
Elke kring in je zekeringkast (tegenwoordig vaker "verdeelkast" of verdeelbord genoemd) wordt beveiligd door een automaat tegen overbelasting en kortsluiting, en door een differentieelschakelaar tegen elektrocutie.
Differentieel
Beveiligingstoestellen
Sinds de wijziging van 1 juni 2023 (Onderafdeling 4.2.4.3.b) moeten alle kringen voor verlichting en voor stopcontacten die niet uitsluitend een vast toestel voeden, beveiligd zijn door een differentieel van maximaal 30 mA, minstens type A (Onderafdeling 5.3.5.3.a). Voordien gold die 30 mA-plicht enkel voor natte ruimtes en een beperkt aantal toestellen, met een hoofddifferentieel van 300 mA als basis. Belangrijke nuance: dit werkt niet retroactief. Een bestaande, ongewijzigde kring van vóór 1 juni 2023 moet niet met terugwerkende kracht aangepast worden — maar elke nieuwe kring of ingrijpend gewijzigde kring moet wél aan de 30 mA-eis voldoen. Upgraden is sowieso sterk aan te raden voor je veiligheid. Per 30 mA-differentieel mag je maximaal 8 kringen aansluiten, en het hoofddifferentieel aan het begin van de installatie moet minstens 40 A nominale stroomsterkte hebben.
Kabels, doorsnedes en automaten
De doorsnede van je kabel moet overeenstemmen met de stroomsterkte van de automaat erachter — anders kan de kabel oververhit raken zonder dat de automaat afschakelt. Enkele veelgebruikte combinaties in een woning:
| Toepassing | Kabel | Automaat |
|---|---|---|
| Zuivere stopcontactenkring | 3G2,5 mm² (XVB of VOB) | 20 A |
| Gemengde kring (verlichting + stopcontacten) | 2,5 mm² | max. 16 A |
| Zuivere verlichtingskring | 1,5 mm² | 10-16 A |
| Kookplaat (eigen kring) | 3G6 mm² | 32 A |
Deze waarden zijn indicatief — de exacte dimensionering hangt af van de lengte van de kabel, het aantal verbruikers en de installatiewijze. Laat een concrete berekening altijd narekenen door je installateur.
Kringen en stopcontacten
Het AREI legt op (Onderafdeling 5.3.5.2, punt b) dat een zuivere stopcontactenkring maximaal 8 stopcontacten (enkelvoudig of meervoudig, dubbele inbegrepen) mag voeden. Toestellen met een hoog eigen vermogen — een kookplaat, oven, wasmachine, droogkast, vaatwasser of warmtepomp — krijgen in de praktijk een eigen, aangepaste kring in plaats van gewone stopcontacten. Meer over de juiste verdeling lees je in ons artikel over hoeveel stopcontacten en kringen per kamer nodig zijn.
Bijzondere ruimtes: badkamer
In een badkamer gelden strengere regels dan elders in huis. Sinds 1 maart 2025 is Hoofdstuk 7.1 ("Ruimten met bad of douche") volledig herschreven en afgestemd op de internationale norm IEC 60364-7-701. Een badkamer met een bad telt nog 3 zones (volumes 0, 1 en 2); een ruimte met uitsluitend een douche (inloopdouche of lage douchebak) telt sinds die wijziging nog maar 2 volumes (0 en 1), die max. 120 cm rond de vaste watertoevoer reiken. Het vroegere "volume 3" bestaat niet meer als apart gereglementeerd volume. In volume 0 en 1 zijn schakelaars en gewone stopcontacten nog steeds verboden; in volume 2 (enkel bij een bad) mag een stopcontact met een hooggevoelig differentieel van maximaal 10 mA of via een scheidingstransformator. Dit is genuanceerder dan de oude regels — laat je dus niet leiden door verouderde info uit vóór 2025. Volledige details lees je in ons artikel over elektrische installaties in de badkamer.
Waarom is het AREI belangrijk?
Het AREI bestaat niet om het leven van eigenaars moeilijker te maken, maar om veiligheid te garanderen. Elektrische installaties die niet aan de normen voldoen, vormen een reëel risico:
- Brand: verouderde bedrading, overbelaste stopcontacten en een defecte zekeringkast behoren tot de meest genoemde oorzaken van woningbranden in België. Brandweerdiensten wijzen vooral op overbelasting van stopcontacten en verlengsnoeren en op verouderde installaties als terugkerende risicofactoren.
- Elektrocutie: zonder correcte aarding en een werkende differentieelschakelaar is het risico op een dodelijke elektrische schok reëel. Een lekstroom van 30 mA door het lichaam kan bij een kwetsbaar persoon al fataal zijn — vandaar de norm van 30 mA voor kringen die je met blote handen kan aanraken.
- Schade aan toestellen: een slechte installatie (ontbrekende overspanningsbeveiliging, slechte aarding) kan je elektronica en huishoudtoestellen beschadigen.
Het naleven van het AREI is dus geen formaliteit, maar een kwestie van gezond verstand en bescherming van je gezin en je woning.
De belangrijkste AREI-wijzigingen op een rij
AREI 2020 (KB 8 september 2019)
- Volledige herstructurering in 3 boeken.
- Veralgemeende verplichting van 30 mA-differentieelbeveiliging voor nieuwe installaties.
- Nieuwe regels voor zonnepanelen (onder meer een verplichte DC-schakelaar) en voor laadpalen (eigen kring met differentieel type A of B).
- Sterkere nadruk op documentatie: eendraadschema en situatieschema moeten de actuele toestand weergeven.
AREI 2023 (KB 5 maart 2023, van kracht sinds 1 juni 2023)
- De 30 mA-differentieel (minstens type A) wordt verplicht voor alle verlichtings- en stopcontactenkringen, niet langer enkel voor natte ruimtes — geldt voor nieuwe en ingrijpend gewijzigde kringen, niet retroactief voor ongewijzigde bestaande kringen.
- Maximaal 8 kringen per 30 mA-differentieel.
- Gemeenschappelijke delen van gebouwen (bijvoorbeeld inkomhallen van appartementen) moeten voortaan om de 5 jaar herkeurd worden in plaats van 25 jaar.
- Uitgebreidere eisen voor eendraadschema's en situatieschema's.
AREI 2025 (KB 3 oktober 2024, van kracht sinds 1 maart 2025)
- Ruimtes met bad of douche worden afgestemd op de internationale norm IEC 60364-7-701.
- Strengere eisen voor de beschermingsgraad (IP) en de toegelaten types van stopcontacten.
- Nieuwe definitie van "voor het publiek toegankelijke ruimte", met impact op het document van uitwendige invloeden.
- Overgangsmaatregelen gelden voor werven die vóór 1 maart 2025 al gestart waren.
Keuring: wanneer, door wie en wat kost het (2025-2026)
Het AREI schrijft voor dat een installatie door een erkend keuringsorganisme gekeurd wordt. België telt zo'n 28 erkende organismen, waaronder Vinçotte/Electro-Test (Kiwa-groep), Certinergie, Bureau Veritas, SGS, OCB en Normec BTV.
Een keuring is verplicht in onder meer deze situaties:
- bij ingebruikname van een nieuwe installatie;
- bij een belangrijke wijziging of uitbreiding van de bestaande installatie;
- bij verkoop van een woning: verplicht sinds het KB van 1 juli 2008 (art. 8.4.2). Voor een installatie van vóór 1 oktober 1981 die nog nooit gekeurd werd, moet er bij verkoop altijd een eerste keuring gebeuren; voor jongere installaties moet er een geldig (jonger dan 25 jaar) keuringsverslag voorhanden zijn. Zie ons artikel over het eendraadschema bij verkoop van een woning;
- bij opening van de meter door de netbeheerder (Fluvius in Vlaanderen, ORES of RESA in Wallonië, Sibelga in Brussel) — zonder geldig keuringsattest wordt er niet aangesloten;
- periodiek (Afdeling 6.5.2): om de 25 jaar voor een residentiële installatie, om de 5 jaar voor niet-residentiële installaties en — sinds de wijziging van 2023 — ook voor gemeenschappelijke delen van gebouwen.
Indicatieve richtprijzen (incl. btw) in 2025-2026:
| Keuring | Richtprijs |
|---|---|
| Standaardwoning, 1 meter | €135 – €200 |
| Extra meter of meterkast | + €80 – €100 |
| Zonnepanelen (los of gecombineerd) | €125 – €170 |
| Herkeuring na afkeuring | €100 – €155 |
Wordt je installatie afgekeurd? Dan krijg je een lijst met inbreuken en doorgaans 12 maanden de tijd om ze te laten wegwerken vóór een herkeuring (bij de allereerste keuring van een pre-1981-installatie bij verkoop geldt een termijn van 18 maanden vanaf de notariële akte). Meer daarover lees je in wat te doen als je elektriciteitskeuring is afgekeurd. Voor een volledige uitleg over het keuringsproces zelf, zie ons artikel over de elektriciteitskeuring.
Laat je de volledige elektrische installatie van een woning vernieuwen, dan betaal je afhankelijk van de oppervlakte en afwerking doorgaans €6.000 tot €15.000, en voor het vervangen van een zekeringkast door een moderne verdeelkast reken je op €350 tot €1.500. Een zelfstandige elektricien rekent gemiddeld €40 tot €55 per uur, een groter installatiebedrijf €55 tot €70 per uur (excl. btw). Voor renovatiewerken aan woningen ouder dan 10 jaar geldt meestal het verlaagd btw-tarief van 6%, tegenover 21% bij nieuwbouw. Ook deze bedragen zijn indicatief en variëren per regio en aannemer.
✅ Dit mag je zelf doen: als hobbyist mag je zelf elektrische werken uitvoeren in je eigen woning — bekabeling leggen, stopcontacten plaatsen, een eendraadschema opstellen — zolang je de regels van het AREI volgt.
🔧 Hiervoor heb je een erkend installateur nodig: de aansluiting op het net gebeurt altijd door of in overleg met de netbeheerder, en bij twijfel over dimensionering (kabeldoorsnede, aardingsweerstand, differentieelkeuze) is professioneel advies sterk aan te raden.
📋 Keuringsattest vereist: vóór de eerste ingebruikname, bij elke belangrijke wijziging, bij verkoop en periodiek (25 jaar), door een erkend keuringsorganisme — nooit door de installateur zelf.
Veelgemaakte misvattingen over het AREI
- "Ik mag alles zelf doen zonder keuring." Fout: zelf werken uitvoeren mag, maar een nieuwe of gewijzigde installatie moet altijd door een erkend organisme gekeurd worden vóór ze in gebruik genomen wordt.
- "Aarding is optioneel bij een renovatie." Fout: aarding is een fundamentele veiligheidseis in het AREI. Een installatie zonder aarding wordt bij keuring steevast afgekeurd.
-
🚨 LEVENSGEVAAR: een oude installatie zonder aarding of zonder werkende differentieelschakelaar "werkt" misschien nog, maar beschermt je niet tegen elektrocutie. Schakel bij twijfel altijd de spanning uit en laat de installatie controleren door een erkend installateur.
- "Als ik niets verander, heb ik geen eendraadschema nodig." Fout: elke gekeurde installatie moet een actueel eendraadschema en situatieschema hebben, ook als er niets recent gewijzigd is. Zie ons artikel over wanneer een eendraadschema verplicht is.
⚠️ WAARSCHUWING: werk nooit onder spanning. Schakel altijd eerst de betrokken kring — of bij twijfel de hoofdschakelaar — uit en controleer met een spanningstester voor je verder werkt.
AREI en je eendraadschema
Het AREI schrijft voor dat elke elektrische installatie vergezeld moet zijn van een eendraadschema en een situatieschema. Deze schema's moeten de actuele toestand weergeven en gebruikmaken van de genormeerde symbolen uit Hoofdstuk 2.13 (Tabel 2.23) van Boek 1.
Met de Eendraadschema app maak je een schema dat automatisch de juiste AREI-symbolen en -normen hanteert. Zo weet je zeker dat je documentatie in orde is voor de keuring — bekijk ook wat een professioneel eendraadschema laten maken ongeveer kost als je het liever uitbesteedt.
Veelgestelde vragen over het AREI
Is het AREI ook van toepassing op een oude installatie die nog nooit gekeurd werd?
Ja. Elke installatie, ook een installatie van vóór 1981, moet bij verkoop, bij een belangrijke wijziging of ten laatste bij een controle op vraag van de netbeheerder gekeurd worden. Lees meer over wanneer je een oude elektrische installatie best vervangt.
Moet ik mijn volledige installatie vernieuwen als één onderdeel wordt afgekeurd?
Nee. Bij een gedeeltelijke afkeuring moet je enkel de vastgestelde inbreuken wegwerken, niet de volledige installatie vernieuwen — tenzij de inbreuken zo talrijk zijn dat een volledige vernieuwing de facto goedkoper of veiliger is.
Moet ik een apart elektriciteitsattest hebben als ik mijn woning verhuur?
Er bestaat geen algemene federale wet die bij elke verhuur automatisch een apart "elektriciteitsattest" oplegt — dat is een veelvoorkomende misvatting. Het AREI blijft wel gewoon van toepassing op de installatie zelf (periodieke keuring om de 25 jaar, keuring bij wijziging), en sommige gewesten of gemeenten leggen bijkomende eisen op, bijvoorbeeld bij kamerwoningen. Zie ons artikel over een huurwoning verhuren en het elektriciteitsattest voor de regionale verschillen.
Wie mag mijn installatie keuren?
Enkel een door de FOD Economie erkend keuringsorganisme — nooit je installateur zelf, ook niet als die erkend is. Dat waarborgt een onafhankelijke controle.
Conclusie
Het AREI is geen bureaucratische hindernis, maar het fundament van een veilige elektrische installatie in je woning. Ken je de basisregels — kabeldoorsnedes, differentieelbeveiliging, kringindeling, keuringsverplichtingen — dan voorkom je niet alleen een afgekeurde keuring, maar vooral brand en elektrocutie. Twijfel je over een ingreep, raadpleeg dan altijd een erkend installateur en laat je installatie tijdig keuren door een erkend organisme.