Eendraadschema zelf tekenen: praktisch stappenplan
Kan je een eendraadschema zelf tekenen?
Kort antwoord: ja. Het AREI (het Koninklijk Besluit van 8 september 2019, Boek 1, van kracht sinds 1 juni 2020) verplicht nergens dat een erkend elektricien je eendraadschema tekent. Zolang het schema correct, volledig is en de officiële AREI-symbolen gebruikt, mag je het zelf opstellen — ook voor de keuring.
Dat betekent niet dat alles vrijblijvend is. Het schema moet nog steeds standhouden tijdens een echte keuring door een erkend keuringsorganisme, en de uitvoering van bepaalde werken blijft voorbehouden aan een erkend installateur. Hieronder lees je precies waar de grens ligt.
✅ Dit mag je zelf doen: je eendraadschema opstellen, tekenen en aanpassen — zowel voor een bestaande installatie als voor een renovatie, op voorwaarde dat je zelf niet aan de bedrading van een niet-conforme installatie sleutelt zonder de nodige kennis.
🔧 Hiervoor heb je een erkend installateur nodig: effectief kabels leggen, aansluiten en wijzigen aan een installatie die nog niet gekeurd is voor eerste ingebruikname, en het oplossen van een afkeuring als je niet over de juiste vakkennis beschikt.
📋 Keuringsattest vereist: bij elke nieuwe installatie, bij elke uitbreiding of wijziging, en bij verkoop van een woning met een installatie van vóór 1 oktober 1981 (verplicht sinds 1 juli 2008). Enkel een erkend keuringsorganisme (zoals Vinçotte/Electro-Test, Certinergie, Bureau Veritas, Normec BTV, OCB of SGS) mag dit attest afleveren.
Door het schema zelf te tekenen bespaar je al snel 150 tot 500 euro aan opmaakkosten (indicatief, 2025-2026). Neem er wel de tijd voor: een onvolledig of foutief schema leidt tot afkeuring bij de keuring, en een herkeuring kost al gauw €100 tot €155 incl. btw extra.
Stap 1: Inventariseer je installatie
Begin bij je verdeelkast . Open de kast en noteer nauwkeurig:
- De hoofdschakelaar: type (2-polig of 4-polig), merk en amperage (bv. 40A)
- Alle differentieelschakelaars : gevoeligheid (30 mA of 300 mA), type (A, B of AC), amperage en merk
- Alle automaten (zekeringen): amperage (10A, 16A, 20A, 32A, 40A) en type (B- of C-karakteristiek)
- De volgorde van links naar rechts, van boven naar onder
- Eventuele extra componenten: overspanningsbeveiliging, tijdklok, bel-transformator, modulaire contactoren
Tip: maak een duidelijke foto van je verdeelkast als referentie terwijl je tekent. Foto's van de opdruk op de differentielen helpen om het type (A, B of AC) precies te bepalen — dit staat meestal in een klein kadertje op de voorzijde.
Differentieel
Beveiligingstoestellen
Sinds 1 juni 2023 moeten ook alle verlichtings- en stopcontactenkringen beveiligd zijn met een 30 mA-differentieel (voorheen mocht dat nog 300 mA zijn). Vaste toestellen zoals een boiler of kookplaat mogen nog steeds op 300 mA blijven staan. Per 30 mA-differentieel zijn maximaal 8 kringen toegelaten — verwar dit niet met de andere "8-regel" uit stap 2 (die gaat over aansluitpunten per kring, niet over kringen per differentieel).
Stap 2: Breng de kringen in kaart
Schakel een voor een elke automaat uit en controleer welke verbruikers uitvallen. Noteer per kring:
- Welke stopcontacten, lichtpunten en schakelaars erbij horen
- In welke kamer ze zich bevinden (dit heb je ook nodig voor het situatieschema)
- Of er vaste toestellen op aangesloten zijn (kookplaat, droogkast, boiler, warmtepomp, laadpaal, etc.)
- Het totaal aantal aansluitpunten per kring
Voor een nieuwe installatie of een kring die je nu laat (her)keuren, geldt de technische regel uit de AREI-tabellen (Boek 1) dat je maximaal 8 aansluitpunten per kring mag voorzien. Belangrijk: een dubbel of drievoudig stopcontact telt als 1 aansluitpunt, niet als 2 of 3. Tel dus goed na — dit is een van de meest gemaakte fouten. Meer details over de juiste aantallen per ruimte vind je in ons artikel over stopcontacten en kringen per kamer.
⚠️ Veelgemaakte misvatting: "mijn bestaande kring heeft er al 12, dus dat mag altijd blijven." Dat klopt gedeeltelijk: een oudere, reeds gekeurde kring met meer dan 8 punten wordt bij een periodieke herkeuring niet automatisch afgekeurd zolang het opgenomen vermogen binnen de kabelcapaciteit blijft. Maar zodra je die kring uitbreidt of wijzigt, moet ze opnieuw aan de huidige regels voldoen — dan telt de grens van 8 punten wél weer volledig mee.
Praktische tip: gebruik een simpel notitieblad met een tabel: kolom 1 = kringnummer, kolom 2 = automaat (amperage), kolom 3 = type verbruikers, kolom 4 = kamers, kolom 5 = aantal aansluitpunten.
Stap 3: Controleer de kabels
Noteer per kring de kabeldoorsnede. Je leest dit meestal af op de kabelmantel, zichtbaar bij de verdeelkast:
| Kabeldoorsnede | Max. automaat | Typisch gebruik |
|---|---|---|
| 1,5 mm² | 16A | Verlichtingskringen |
| 2,5 mm² | 20A | Stopcontactenkringen |
| 4 mm² | 32A | Kookplaat, droogkast, warmtepomp |
| 6 mm² | 40A | Zware verbruikers, laadpaal, lange afstanden |
De kabeldoorsnede moet steeds overeenstemmen met het amperage van de automaat die de kring beveiligt. Dit is een fundamentele veiligheidsregel uit het AREI: een te dunne kabel achter een te zware automaat kan oververhitten, met brandgevaar tot gevolg.
🚨 LEVENSGEVAAR: kom je bij het openen van de verdeelkast een combinatie tegen waarbij de kabeldoorsnede duidelijk te dun is voor de automaat erboven (bv. 1,5 mm² achter een 20A-automaat), schakel dan die kring uit tot een erkend installateur dit heeft nagekeken. Dit is geen theoretisch risico — het is een van de meest voorkomende oorzaken van elektrische woningbranden in oudere installaties.
Stap 4: Controleer de aarding
Noteer de informatie over je aardingsinstallatie :
- Type: aardingslus (koper, in de funderingen) of aardingsstaaf/-elektrode in de grond
- De aardingsweerstand: idealiter onder 30 ohm. Tussen 30 en 100 ohm is nog toegelaten in combinatie met een 30 mA-differentieel, maar bovenop een bepaalde grenswaarde kan de keurder bijkomende maatregelen eisen. Boven 100 ohm is de installatie niet conform en is een extra aardelektrode nodig.
- De aardingsgeleider: de verbinding tussen meerdere aardelektroden en naar de hoofdaardklem is minimaal 16 mm² koper; de individuele beschermingsgeleider naar het bord is doorgaans minimaal 6 mm² koper (de exacte doorsnede volgt uit een berekening in AREI Boek 1 als de kortsluitstroom hoog is — laat dit bij twijfel narekenen door een erkend installateur).
Aardelektrode
Beveiligingstoestellen
🚨 LEVENSGEVAAR: een installatie zonder aarding, of met een aardingsweerstand die niet gemeten of niet gekend is, biedt geen bescherming tegen onrechtstreekse aanraking. De veelgehoorde uitspraak "mijn oude installatie werkt al jaren zonder aarding, dus dat is geen probleem" is een gevaarlijke misvatting: bij een isolatiefout op een niet-geaard toestel kan de behuizing onder spanning komen te staan zonder dat een differentieel dit detecteert. Laat dit ALTIJD nakijken en in orde brengen door een erkend installateur.
Stap 5: Teken het schema
Nu je alle informatie hebt, kan je beginnen tekenen. De structuur van een eendraadschema loopt altijd van boven naar onder:
- Bovenaan: het aansluitpunt van de netbeheerder (Fluvius in Vlaanderen, Sibelga in Brussel, ORES of RESA in Wallonië)
- De elektriciteitsmeter (digitale meter of nog een analoge meter)
- De hoofdschakelaar
- Het hoofddifferentieel (meestal 300 mA, voor vaste toestellen)
- De verdeelkast met per groep: een 30 mA-differentieel gevolgd door de automaten
- Per automaat: de kring met verbruikers, kabeldoorsnede en aantal aansluitpunten
- Onderaan: de aardingsinstallatie
Gebruik voor elke component de officieel genormeerde AREI-symbolen — geen eigen tekentjes of afkortingen. De Eendraadschema-editor is een handige manier om dit te doen: deze online tool laat je stap voor stap je installatie opbouwen met de correcte symbolen en genereert automatisch een gestructureerd schema dat je meteen kan gebruiken bij je keuringsaanvraag.
Stap 6: Controleer en verfijn
Controleer je schema grondig op de volgende punten voor je het inlevert:
- Zijn alle kringen opgenomen? Vergelijk nog eens met je verdeelkast.
- Kloppen de kabeldoorsnedes met de beveiligingen? (1,5 mm² → max. 16A, 2,5 mm² → max. 20A)
- Zijn de differentieelschakelaars correct weergegeven met type en gevoeligheid?
- Is de aarding aangeduid met type en (gemeten) weerstand?
- Komen de symbolen overeen met de AREI-normen?
- Heeft elke kring een uniek nummer?
- Staan de zware verbruikers (kookplaat, warmtepomp, laadpaal) op een eigen kring?
- Zijn er nergens meer dan 8 aansluitpunten per kring (bij nieuwe of gewijzigde kringen)?
AREI-kader: wat zegt de regelgeving precies?
Het huidige AREI is het Koninklijk Besluit van 8 september 2019, gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad en van kracht sinds 1 juni 2020. Het bestaat uit drie boeken; Boek 1 behandelt de elektrische laagspanningsinstallaties in woningen en is dus je referentiekader. Meer achtergrond vind je in ons artikel over wat het AREI precies is.
- Is een eendraadschema verplicht? Ja, voor elke woning met een elektrische installatie moet een up-to-date eendraadschema aanwezig zijn — meer details in wanneer een eendraadschema verplicht is.
- Periodieke herkeuring: een huishoudelijke installatie moet om de 25 jaar opnieuw gekeurd worden (AREI Boek 1, hoofdstuk 6.5), tenzij ze eerder gewijzigd wordt — dan volgt een tussentijdse keuring. Meer info in alles wat je moet weten over de elektriciteitskeuring.
- Keuring bij verkoop: verplicht sinds 1 juli 2008 voor elke installatie van vóór 1 oktober 1981. Zonder geldig attest kan de notaris de verkoopakte niet verlijden.
- Erkende keuringsorganismen: enkel een organisme erkend door de FOD Economie mag het attest afleveren, bijvoorbeeld Vinçotte (particuliere keuringen nu via Electro-Test), Certinergie, Bureau Veritas, Normec BTV, OCB, ACA of SGS.
📋 Keuringsattest vereist: bij elke ingebruikname van een nieuwe installatie, bij elke belangrijke wijziging of uitbreiding (bv. laadpaal, zonnepanelen, extra kring), bij de periodieke 25-jaarlijkse controle, en bij verkoop van een pre-1981-installatie. Indicatieve prijzen 2025-2026: een gewone keuring kost €135 tot €220 incl. btw, een keuring bij uitbreiding €145 tot €195 incl. btw, en een herkeuring na afkeuring €100 tot €155 incl. btw. Een elektricien rekent doorgaans €40 tot €70 per uur (gemiddeld ca. €55) excl. btw voor eventuele herstelwerken.
Veelgemaakte fouten
Let op voor deze valkuilen (meer details in ons artikel over veelgemaakte fouten bij het tekenen):
- ⚠️ Vergeten de aarding te vermelden of het type en de weerstand niet in te vullen
- ⚠️ Verkeerde kabeldoorsnedes noteren, of ze niet laten overeenstemmen met de automaat
- ⚠️ Het type differentieel niet correct aangeven (type A, B of AC — dit is essentieel bij warmtepompen, laadpalen en omvormers, die vaak type B vereisen)
- ⚠️ Kringen niet nummeren, waardoor het schema niet meer te volgen is
- ⚠️ Het schema niet updaten na wijzigingen aan de installatie (bv. na plaatsing van een laadpaal of zonnepanelen)
- ⚠️ Eigen symbolen verzinnen in plaats van de officiële AREI-symbolen te gebruiken
Nog een hardnekkige misvatting: "ik heb geen eendraadschema nodig zolang ik niets aan mijn installatie verander." Dat klopt niet — elke woning met een elektrische installatie moet een schema kunnen voorleggen, en zonder schema kan een keurder je installatie niet correct controleren. Een verouderd of ontbrekend schema is op zich al voldoende reden voor een opmerking of afkeuring bij de keuring.
Veelgestelde vragen
Mag ik zelf een eendraadschema tekenen zonder erkend elektricien?
Ja. Het AREI verplicht niet dat een erkend installateur je schema opmaakt. Je moet wel zorgen dat het schema correct, volledig en up-to-date is, met de juiste AREI-symbolen — anders loop je het risico op een afkeuring bij de keuring.
Hoeveel kost het om een eendraadschema te laten maken door een professional?
Reken indicatief op 150 tot 500 euro, afhankelijk van de complexiteit van je installatie en de regio. Zelf tekenen kost je vooral tijd, geen geld. Meer details in ons artikel over de kostprijs van een eendraadschema.
Hoeveel aansluitpunten mag ik op één kring aansluiten?
Voor een nieuwe of gewijzigde kring geldt een maximum van 8 aansluitpunten, waarbij een dubbel of drievoudig stopcontact telt als 1 punt. Bij een bestaande, al gekeurde installatie die je niet wijzigt, wordt dit bij een periodieke herkeuring doorgaans niet strikt afgekeurd.
Wat als mijn eendraadschema wordt afgekeurd bij de keuring?
Je krijgt een verslag met de vastgestelde inbreuken en een hersteltermijn. Na het uitvoeren van de correcties (eventueel door een erkend installateur) volgt een herkeuring, die €100 tot €155 incl. btw kost. Lees meer in wat te doen bij een afkeuring.
Welk differentieeltype moet ik gebruiken: A, B of AC?
Type AC is verouderd en wordt niet meer aanbevolen. Type A is de standaard voor gewone verlichtings- en stopcontactenkringen. Type B is vereist of sterk aanbevolen bij toestellen die gladde gelijkstroom-lekstroom kunnen veroorzaken, zoals laadpalen, zonnepaneel-omvormers en inverter-gestuurde warmtepompen — controleer dit altijd in de handleiding van het toestel.
Conclusie
Met een goed voorbereide inventarisatie, de juiste kabeldoorsnedes en differentieeltypes, en de Eendraadschema-editor lukt het tekenen van een correct eendraadschema zeker. Neem de tijd, controleer alles dubbel, en twijfel bij aarding, differentieeltype of een te dunne kabel nooit: schakel uit en laat het nakijken door een erkend installateur. Zo vermijd je een dure herkeuring en, belangrijker nog, onveilige situaties in je woning.